Hij moest halverwege zijn gewestpresidentschap na een verkeersongeluk opnieuw leren lopen, maar heeft de afgelopen drie jaar wel alle installaties in Oost-Nederland zelf kunnen doen. De koers van het Bestuur om in te zetten op vernieuwing en ledenwerving vindt afscheidnemend gewestpresident Oost-Nederland Theo Kralt een goede zaak, maar dat moet wel samen met de gewesten en afdelingen aangepakt worden. En: “Je kunt nooit genoeg tijd en energie investeren in de relaties met andere mensen.”
Uittredend gewestpresident Oost-Nederland Theo Kralt (links) en zijn opvolger Albert de Vries.
Wanneer werd je gewestpresident en sinds wanneer ben je dat niet meer?
Op 28 november 2022 ben ik gewestpresident van Oost-Nederland geworden als opvolger van Jeanette van Nigtevegt-de Graaf en op 24 november 2025 heb ik het gewestpresidentschap weer overgedragen aan Albert de Vries.

Heb je je belangrijkste doelstellingen (zie het interview bij het aantreden) kunnen bereiken?
Dat denk ik wel. De belangrijkste taken van een gewestpresident zijn:
- Het stimuleren van de afdelingen en het installeren van nieuwe leden.
- Het leiden van de vergaderingen van de gewestraad en het zijn van een goede intermediair tussen de (in Oost-Nederland zeven) afdelingen en het gewest.
- Het vertegenwoordigen van het gewest in het Presidium van de OvdP en het invullen van de verbinding tussen het gewest en de Orde als geheel.
Wij hebben als gewest alle drie de presidenten van de OvdP in ‘mijn’ periode op bezoek gehad, hiermee intensief en waar nodig ook kritisch gesproken en onze inbreng op tafel gelegd. Die werd serieus genomen. Na afloop van een vergadering van het Presidium of een ander overleg stelde ik een verslag op met een kopie aan de president over hetgeen besproken werd.
Waarop kijk je met de meeste voldoening terug en waarom?
De voorzitters van de afdeling moeten op vrijwillige basis veel tijd steken in hun afdeling – dat geldt overigens ook voor de gewestpresident. Het is belangrijk dat zij gehoord worden. Een van de afdelingen ging duidelijk door een moeilijke periode en is weer opgeveerd nadat het bestuur met veel inzet en nieuw elan een aantrekkelijk programma realiseerde en er nieuwe leden geworven werden.
De OvdP functioneert sinds enkele jaren duidelijk beter en ook efficiënter. Het vult de verbindingen met verwante organisaties ook sterker in. Dat is natuurlijk vooral een taak van de president en het Bestuur, maar de gewesten hebben hier duidelijk een ondersteunende taak in. Het huidige Bestuur zet duidelijk in op vernieuwing en nieuwe leden en slaagt daar ook in, maar het kan niet anders dan dat samen te doen met de afdelingen en gewesten.
Aan het begin van mijn periode als gewestpresident merkte ik dat wel heel veel tijd van de OvdP ging zitten in zaken als nieuwe statuten en reglementen, financiën en facilitaire zaken. Die moeten ook goed op orde zijn en dat is essentieel, maar ik heb van het begin af aan aandacht gevraagd om ook inhoudelijke zaken prioriteit te geven conform de doelstellingen van onze oprichter en de doelstelling van de statuten. Mede hieruit is het Jaar van het Nederlands voortgevloeid dat nu loopt. Aan het einde hiervan wordt verslag opgemaakt. Mijn mening is dat de inhoud van de doelstelling van de Orde steeds weer opnieuw vormgegeven moet worden en goede aandacht moet krijgen. Onze omgeving verandert ook voortdurend.
Wat was het meest ontroerende dat je als gewestpresident hebt meegemaakt?
Na een verkeersongeluk dat leidde tot een nekbreuk en een niet meer functionerende rechterarm ben ik in het voorjaar van 2024 geopereerd in het UMC Utrecht. Ik moest na de operatie in revalidatie weer leren lopen, fietsen, autorijden, zwemmen en dergelijke. Ik heb alle installaties van nieuwe leden echter kunnen blijven doen. Jeanette van Nigtevegt-de Graaf heeft op mijn verzoek een aantal representatieve taken verricht in mijn plaats zoals het deelnemen aan jubilea en boekpresentaties. Dat was belangrijk.
Mijn eerste installatie na de operatie en revalidatie, in de afdeling Achterhoek-Twente, was voor mij een emotionele gebeurtenis. Ik werd opgehaald op het station in Hengelo en dan merk je dat gezondheid en er ‘zijn’ echt niet vanzelfsprekend zijn. Gelukkig ben ik inmiddels weer geheel hersteld. Een wonder echt waarvoor ik heel dankbaar ben.
Het installeren van maar liefst vijf nieuwe leden in de afdeling Nijmegen op 5 oktober 2023 was op een andere manier ontroerend.
Wat had achteraf beter gekund of anders gemoeten?
Je kunt nooit genoeg tijd en energie investeren in de relaties met andere mensen – in dit geval vooral in voorzitters en secretarissen van afdelingen. En in het je verdiepen in de situatie van een afdeling en van anderen in het algemeen. Je kunt zeggen dat de boodschap van het bestuur om met respect voor alle bestaande en zittende leden ook tot vernieuwing en nieuwe leden te komen echt is overgekomen. De inzet is daar nu op gericht.
Wat hebben de leden van je bestuur, de afdelingsbesturen en/of de leden van het gewest over je ontdekt de afgelopen jaren?
Als je ergens drie jaren leiding aan geeft, leert men de man of vrouw in kwestie natuurlijk goed kennen. Dat is bij mij niet anders. Ik ben een domoor die alles leest. Als persoon ben ik iemand die nauwgezet is, actief, vriendelijk, aanhoudend, die zich richt op anderen en die het nakomen van afspraken belangrijk vindt. Misschien een tikkeltje eigenwijs. Voor een gewestpresident is het kunnen maken van verbinding en het kunnen verwoorden van de doelstelling van de OvdP belangrijk. Veel tijd heb ik gestoken in het voorbereiden en verrichten van installaties van nieuwe leden. Erg leuk om te doen. Mensen zijn uitermate boeiend. Ik hoop dat men het heeft kunnen waarderen.
Wat heb je zelf geleerd tijdens het gewestpresidentschap?
Dat organisatie en inhoud beide heel belangrijk zijn. Ook dat in een organisatie als de OvdP de mensen uiteindelijk het wezenlijkste onderdeel zijn. Goede verhoudingen zijn essentieel. En een goede planning en voortgang van werkzaamheden.
Hoe diep is het zwarte gat nu en hoe ga je dat opvullen?
Niet zo diep want ik blijf actief in circa acht organisaties naast mijn werk als adviseur erfgoed en monumenten van de gemeente Oirschot. Dit voorjaar komt bij Stichting Uitgeverij Matrijs mijn boek uit over de doorwerking van de Amsterdamse School in het moderne interieur van de Domkerk gedurende de restauratie van 1921 tot 1939. Dit soort onderwerpen zal mijn aandacht blijven houden.
Is er nog iets dat je het gewest of de Orde als geheel wilt meegeven?
Aan de president en het Bestuur: blijf investeren in de organisatie OvdP, maar niet minder in de inhoud. Zet de ingeslagen weg voort.
En een woord van welgemeende dank aan Jeanette van Nigtevegt-de Graaf die mij als pro-gewestpresident zo goed heeft ingewerkt en terzijde heeft gestaan. En aan Peter Manders die mijn hele periode een uitstekende secretaris-penningmeester was. Mijn opvolger Albert de Vries wens ik als gewestpresident Oost-Nederland het allerbeste toe.
Foto hieronder: Gewestpresident Theo Kralt (helemaal rechts) en verder van links naar rechts de vijf nieuwe leden van de afdeling Nijmegen die hij net heeft geïnstalleerd in 2023, Paul Wackers, Klazien Stapper, Maria van den Muijsenbergh, Brigitte Bauer en Roland van der Pluym, met links van Theo Kralt de voorzitter van de afdeling Nijmegen Chris van Weel.

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.